Thuis zorgen

Je maakt nog eens wat mee…
Er wordt aangebeld. Voor de deur staat een jongen van rond de 12: ‘Meneer kunt u even komen kijken. Er is een jongen gevallen op de fiets en hij heeft veel pijn’. Op straat staat een brugklasser met schaafwonden op zijn hand en een kapotte knie. ‘Gevallen met de fiets’. Een vriend is aan het bellen met de vader van het slachtoffer, die met zijn ene hand de gewonde hand ondersteunt. Hij heeft zich kennelijk wat verveeld op school want op zijn gewonde hand staan de knokkels en de botjes keurig met zwarte pen uitgelijnd. Ik bekijk de wonden en besluit wat schoon te maken en een verbandje aan te leggen. Intussen is de jongen weer wat meer overstuur. ‘Heb je wat water’ vraagt een van zijn vrienden. ‘Kom maar even mee naar de overkant’. Ik open de achterklep van mijn auto en laat het slachtoffer op de rand zitten. Haal uit de garage mijn werktas en de voorraad verbandmiddelen. De jongen geeft op mijn verzoek de telefoon en ik overleg even met zijn vader. Vertel kort wat er aan de hand is. De jongen heeft pijn en na overleg krijgt hij van mij een pijnstiller. Ik verbind de beide wonden (straks thuis verband eraf, even weken onder de kraan) en vervolgens moeder aan de telefoon. Haar zoon zegt: ‘er is hier een heel aardige meneer die mij verbindt’ en ik krijg moeder te spreken. Ben stomverbaasd als ze zegt: ‘dat zulke mensen nog bestaan!’ Natuurlijk help je als iemand iets nodig heeft! Ik heb intussen ook nog tijd om me te vermaken met de reacties van zijn vrienden: ‘ik ben net als dokter Tinus, ik kan niet tegen bloed!’ en als ik de wond op zijn knie verbind verdwijnen de drie brugklassers allemaal achter de auto. ‘Watjes’
Een tante komt de jongen halen (‘we staan bij de Action’) want ik heb een andere afspraak. Wat ik nog het leukste vind: ik krijg van alle vier keurig een hand!
Toch mooi hoe die vrienden met elkaar omgaan en hem steunen: bellen naar zijn vader, een bemoedigende arm om zijn schouder. Het gaat in ieder geval met die jongens wel goed komen!